Nieuwe werkmaatschappij Midden - Nederland zet in op integraliteit en intensieve samenwerking: ‘Alleen samen lossen we complexe opgaven op’
Om beter in te spelen op de steeds complexere bouw- en vastgoedopgaven in de regio Utrecht, zijn sinds dit jaar alle bouw- en vastgoedactiviteiten in Midden-Nederland samengebracht in een nieuwe regionale integrale werkmaatschappij: Dura Vermeer Bouw en Vastgoed Utrecht. Directievoorzitter Raimond Rozeboom en directeur Vastgoedontwikkeling Margo Meijer bespreken het belang van een sterke regionale verankering en een integrale aanpak: “Zonder verbinding kom je er niet in de complexiteit van de huidige vraagstukken.”
Dat ze het boegbeeld zijn van een nieuwe werkmaatschappij beseffen ze zich goed, maar Rozeboom en Meijer maken direct duidelijk: “Het draait niet om ons, het draait om wat wij onze klanten en regio kunnen bieden.” Het sluit naadloos aan op het nuchtere karakter van familiebedrijf Dura Vermeer. “We willen dicht op onze projecten en opdrachtgevers opereren. Dat vraagt om zichtbaarheid en betrokkenheid in de uitvoering”, aldus Meijer. “Wij willen met de projecten die wij draaien een positieve impact maken op de omgeving, op een transparante wijze met veel plezier samenwerken met opdrachtgevers en zo tot het beste resultaat komen. Die normen en waarden zijn het belangrijkst.” Directievoorzitter Rozeboom knikt instemmend: “Integriteit is onderdeel van het DNA van Dura Vermeer. We geloven in nuchterheid en doen wat we beloven. Het verhaal van onze nieuwe werkmaatschappij gaat niet over ons, maar juist over samenwerking. Zonder verbinding, intern en extern, komen we er niet in de complexiteit van de huidige vraagstukken.”
Juist bij binnenstedelijke herontwikkelingen zie je hoe belangrijk integraliteit is
Het verhaal van onze nieuwe werkmaatschappij gaat niet over ons, maar juist over samenwerking
Krachten bundelen
Het is een mooi bruggetje naar de drijvende kracht achter de oprichting van Dura Vermeer Bouw en Vastgoed Utrecht. Meijer: “Het is geen nieuws dat ontwikkelen en bouwen in Nederland steeds complexer wordt. Ruimte is schaars, middelen zijn beperkt en opgaven als klimaatadaptatie, energie en mobiliteit moeten allemaal ingevuld worden. Wij zijn ervan overtuigd dat deze uitdaging schreeuwt om een integrale aanpak.” Rozeboom noemt het een logische stap om de verschillende disciplines die al gefragmenteerd binnen de divisie werden ingevuld, te consolideren in één werkmaatschappij. “We zoeken de breedte op die nodig is om de markt te bedienen. Door onze krachten te bundelen kunnen we de klant één aanspreekpunt en meer regie bieden. Van initiatief tot oplevering. Met expertise in gebiedsontwikkeling, vastgoedontwikkeling, woningbouw, utiliteitsbouw, nieuwbouw, renovatie en transformatie kunnen we ontwikkelingen faciliteren over de volle breedte.”
Wat de nieuwe werkmaatschappij volgens Rozeboom kenmerkt, is de manier waarop ontwikkeling en uitvoering vanaf de start met elkaar optrekken. “We organiseren in een vroeg stadium gezamenlijke besluitvorming tussen ontwikkeling en uitvoering. Haalbaarheid, kosten en planning worden integraal beoordeeld, zodat we vanaf het begin realistische en uitvoerbare keuzes maken.” In tendertrajecten vertaalt zich dat volgens Meijer in onderbouwde en consistente inschrijvingen. “We combineren ontwikkelambitie met uitvoeringskennis en toetsen plannen direct op maakbaarheid. Daardoor kunnen we opdrachtgevers vroeg duidelijkheid geven over planning, kosten en risico’s.”
Impact
Maar de impact van de nieuwe werkmaatschappij reikt verder. “We willen en kunnen met onze integrale aanpak impact maken op een hele buurt”, licht Rozeboom toe. Bijvoorbeeld door groen toe te voegen dat de biodiversiteit versterkt en door de openbare ruimte zo te ontwerpen dat ontmoeting en beweging worden gestimuleerd.
Een recent voorbeeld daarvan is de transformatie van het Gildenkwartier in het Utrechtse stationsgebied tot De Nieuwe Tuin, het nieuwe kantoorconcept voor PGGM. In dit project komen gebiedsontwikkeling, transformatie en duurzaamheid samen. Het bestaande gebouw wordt getransformeerd tot een Paris Proof en toekomstbestendig kantoor met meerdere groene daktuinen en een centrale binnentuin. “Juist bij zulke binnenstedelijke herontwikkelingen zie je hoe belangrijk integraliteit is,” zegt Meijer. “We combineren technische verduurzaming, ontwerpkwaliteit en gebruikerswelzijn in één samenhangende aanpak. En dat allemaal in het hart van de stad, zo slim mogelijk en met zo min mogelijk overlast.”
Door de ligging naast Utrecht Centraal Station en de focus op bereikbaarheid per fiets en openbaar vervoer speelt het project bovendien in op bredere stedelijke mobiliteits- en duurzaamheidsdoelstellingen. Volgens Rozeboom laat De Nieuwe Tuin zien hoe bestaande iconische gebouwen toekomstbestendig kunnen worden gemaakt, met behoud van karakter én met oog voor CO₂-reductie en biodiversiteit.
Rozeboom benadrukt dat de werkmaatschappij misschien nieuw is, maar dat het de slagkracht met zich meedraagt van een ontwikkelende bouwer in de top 5 van Nederland. “We zijn onderdeel van Dura Vermeer met meer da 170 jaar aan ervaring en continuïteit. We hebben ervaring van A tot Z.”
Rozeboom noemt zijn werkmaatschappij dan ook wel grappend een ‘one stop shop’. “We merken dat versnippering in de keten vaak leidt tot vertraging en faalkosten, maar vanuit onze brede expertise in het volledige bouwproces kunnen wij de klant beter ondersteunen. We gaan graag de verbinding aan met klanten om te kijken waar ze hen zo vroeg mogelijk in het proces kunnen versterken. Aan de voorkant van een traject liggen de grootste kansen.” Rozeboom concretiseert: “We kunnen door de vroeg de verbinding met elkaar te zoeken bijvoorbeeld de doorlooptijd versnellen, sneller tot bouw overgaan, slimmer ontwerpen tegen een lagere kostprijs en onze ambities op het gebied van ecologische en sociale duurzaamheid aan elkaar verbinden.”
De directievoorzitter, die al bijna een kwart eeuw voor Dura Vermeer werkt, is zichtbaar enthousiast: “De meerwaarde die wij met deze nieuwe werkmaatschappij bieden, vind ik bijzonder sterk. Het mes snijdt aan alle kanten.” Volgens Meijer zit de grootste winst in het voorkomen van herontwerp. “Wat aan de voorkant klopt, hoeft aan de achterkant niet gerepareerd te worden. Dat scheelt tijd, kosten en discussies in de uitvoeringsfase.”
We willen en kunnen met onze integrale aanpak impact maken op een hele buurt
Wat aan de voorkant klopt, hoeft aan de achterkant niet gerepareerd te worden
Regionaal
‘Regionale verankering’ is een sleutelbegrip binnen de koers van Dura Vermeer. Rozeboom: “We hebben een organisatie vol mensen die het werkgebied kennen, die weten wat er lokaal speelt en hierop kunnen anticiperen.” Heel belangrijk, benadrukt directeur vastgoedontwikkeling Meijer: “We geloven in de kracht van verbinding en dat zit ook in het letterlijk dichtbij elkaar zijn. Ik stap zo op de fiets naar het stadskantoor. De lijnen zijn kort en dat is essentieel als je elkaar en elkaars belangen echt wilt leren kennen.” De directeuren hopen door hun duidelijke regionale focus en zichtbaarheid in de regio meer klanten te ontmoeten. “Er zit veel potentie in dit werkgebied dat Dura Vermeer tot voor kort moest laten liggen vanuit capaciteitstekort. We zijn nog maar een paar weken geleden begonnen, maar zitten nu al volop in vastgoed- en nieuwbouwontwikkelingen.”
Binnen die groeiambitie vormt de organisatiebrede visie van Dura Vermeer, Het Goede Doen, het moreel kompas van de divisie waar de vestiging onderdeel van is. “Wij doen niet aan window dressing”, benadrukt Rozeboom. “Duurzaamheid is in al onze projecten een integraal uitgangspunt, met als doel om richting 2050 toe te werken naar nul CO₂-uitstoot. Dat geldt zowel voor onze eigen ontwikkelingen als voor projecten die we samen met opdrachtgevers realiseren.”
Volgens Rozeboom is het vanzelfsprekend dat die intrinsieke motivatie wordt meegenomen in elk traject waarin Dura Vermeer betrokken is. “We helpen opdrachtgevers hun ambities concreet te maken en vertalen duurzaamheidsdoelstellingen naar uitvoerbare keuzes binnen een project.” Ook hier zit volgens de directeuren de kracht in samenwerking. “De duurzaamheidsopgave is groot en kunnen we alleen gezamenlijk invullen. Door vroegtijdig samen te werken, verbinden we ambities aan realistische oplossingen.”
Samen fixen met lef
Maar misschien wel het allerbelangrijkste streven van de directeuren: plezier hebben en dit ook uitstralen. “Ons vak wordt steeds complexer. Ontwikkelingen vragen om doorzettingsvermogen, lef, het snappen van elkaars belangen en dat houd je alleen vol als je er ook plezier in hebt”, vertelt Meijer vol overtuiging. “Je moet het toch samen zien te fixen.” Rozeboom voegt toe: “We geloven heel erg in de kracht van een fijne samenwerking, het complementair zijn aan elkaar en daardoor waarde creëren voor klanten. Alleen zo komen we tot de beste resultaten. Samen.”