Vorige
Blog

Verbinden is de sleutel tot verbouwen in Rotterdamse volksbuurt Vreewijk

Als de Rotterdamse woningcorporatie Havensteder in 2008 start met ‘ketensamenwerking’, is dat een volstrekt nieuwe manier van samenwerken met aannemers. Het betekent niet alleen een gedeelde verantwoordelijkheid rondom kosten, middelen en planning: ook de bewoners staan voor alle partijen centraal. Inmiddels werken Havensteder en Dura Vermeer meer dan 5 jaar samen aan een van de grootste sociale renovatietrajecten in Rotterdam: Tuindorp Vreewijk. Hedy van den Berk, bestuurder van Havensteder, en Edwin Blom, directeur Dura Vermeer Bouw Heyma, blikken terug op het ontstaan van deze bijzondere band. Wat zijn de succesvoorwaarden en leerpunten gebleken?

Er ligt een grote opgave: in 2022 moeten 1300 woningen in Vreewijk zijn verbeterd. Technisch en financieel gezien is het project uitdagend maar ook wat betreft het menselijk aspect ligt de lat hoog: de huurder staat altijd voorop. Diens wensen en zorgen moeten meegenomen worden in ieder plan. Van den Berk: “Elke euro die wij besteden, moet ten goede komen aan volkshuisvesting. Daar zetten we ons samen met Dura Vermeer voor in. Dat is een zoekproces. De eerste jaren waren we dan ook vooral bezig de juiste modus te vinden tussen onze werelden en wat ieders meerwaarde moest zijn.”

Die modus is gevonden en inmiddels zijn de eerste woningen in Vreewijk opgeleverd. De weg daarnaartoe was niet altijd eenvoudig. Blom: “Vreewijk is een volksbuurt met mondige bewoners die zich enorm hebben ingespannen om de wijk te behouden zoals die nu is. Daar moet je mee om kunnen gaan. In de ketensamenwerking betekent het dat er zaken onder druk komen te staan. Juist dan moet je vertrouwen hebben in elkaar, snappen wat er op het spel staat. Hoe ingewikkeld het soms ook is, je moet weten dat je elkaar altijd blijft vinden. Zeker als het spannend wordt.”

Van den Berk beaamt dat: “Het is heel belangrijk om op elkaar te kunnen vertrouwen. Zo’n ingreep vergt veel van bewoners: die impact bleek groter dan we hadden voorzien. Dan is het fijn dat je weet wat je aan elkaar hebt. Ons vertrouwen gaat verder dan het contract. Onze band is sterk. Dat ligt in onze gedeelde Rotterdamse roots, maar ook in het gedeelde commitment. Zowel de top van Havensteder als die van Dura Vermeer is zeer betrokken. Naast Edwin komen ook Job Dura en Ronald Dielwart langs om te kijken wat er gebeurt. Dat is belangrijk.”

In eerste instantie zou het project in 10 tot 15 jaar worden opgepakt, maar nu de regeling Vermindering Verhuurderheffing over een paar jaar opgeheven wordt, moet het totale programma twee keer zo snel worden afgerond. Blom: “Daarom zetten we nu twee bouwstromen in. Het moet in één keer goed gaan: er is geen tijd en ruimte voor fouten. Havensteder moet kunnen rekenen op een financieel en technisch stabiele uitvoering, de bewoners moeten vertrouwen op de planning.”

Van den Berk vult aan: “Belangrijke basisvoorwaarde is dan ook de continuïteit te borgen in je project. Je moet de juiste mensen hebben die langere tijd met elkaar en de bewoners werken. Zo’n team bouwen kost tijd. Inmiddels hebben we de beste mensen erop zitten, van beide kanten.”

De huurdersbegeleiding is een gezamenlijke verantwoordelijkheid geworden, en dat werkt. Blom: “We kunnen rekenen op elkaar en weten welke beloftes er worden gedaan. Iedereen onderschrijft dat de sociale en technische aspecten onlosmakelijk met elkaar verbonden zijn. Ook wij kijken vanuit onze afdeling Bewonerszaken nu mee naar de strategie hoe de bewoners te benaderen. Ook hebben we bewonersconsulenten gedetacheerd bij Havensteder om zo meer de verbinding te maken met de bewoners en hun verwachtingen scherp te krijgen. Uiteindelijk hebben we nu per woning zowel technisch als sociaal een plan: dat maakt het spannend, mooi en complex tegelijkertijd.”

Van den Berk vindt ook dat het huurderscontact met en draagvlak bij de bewoners doorslaggevend zijn voor het succes. “Bewoners willen weten waar ze aan toe zijn en met wie ze te maken hebben. Door consistentie in ons team te houden en het als een gezamenlijke opgave te blijven zien, hebben we nu samen de juiste richting gevonden. De basis ligt in echt samen willen werken: technisch en sociaal horen naast elkaar te staan. Er was in het begin veel kritiek en verzet, maar toen de steigers weggingen en men zag het resultaat: toen was het goed. We zijn erin geslaagd om de bewoners mee te nemen in het proces. Dat blijkt uiteindelijk de allerbelangrijkste opgave. Ik heb er vertrouwen in dat we het samen voor elkaar gaan krijgen.”

Deel deze pagina